Wieringerwaard is trots op de pauw
Wieringerwaard, de Pauwenstad. Een naam die het dorp in Hollands Kroon in de 19e eeuw verwierf door de grote, prachtige boerderijen die werden gebouwd door de winsten in de handel van vlees, graan en melk. Het waren de mooie jaren voor boeren in de periode 1850 tot 1880.
In de gouden jaren voor 1880 kreeg Wieringerwaard in de omgeving de naam van Pauwenstad. De grote welvaart, waarin de toonaangevende boerenfamilies zich mochten verheugen, leidde ertoe dat velen als hereboers gingen leven. Voor hun zoons waren slechts die boerendochters partij, die door de naam en het grondbezit van hun vader waren gekwalificeerd. Hun dochters mikten op een huwelijk met iemand uit de gegoede stand.
Grote boerderijen
De Engelse militaire arts Walsh schrijft in zijn dagboek uit 1799 dat zijn manschappen werden ondergebracht in grote en ruime boerderijen, waarbij alle voorzieningen onder een dak waren samengebracht. Bovendien vond hij dat deze boerderijen zo talrijk en gelijkelijk (over de Wieringerwaard) verspreid waren dat de polder oogde als een groot dorp. Altijd heeft men kennelijk een buitenstaander nodig voor een rake typering. Walsh was met zijn beschrijving zijn tijd ver vooruit. Na een lange periode van malaise in de landbouw en veeteelt door lage prijzen, oorlog en veepest, kwam de handel in vlees, boter kaas en melk in de jaren 1850-1880 tot grote bloei.
Wieringerwaard pakte er zijn graantje van mee en investeerde meer dan elders de winsten in het bouwen van prachtige boerderijen in eigen polder. De pronkzucht leverde het dorp spottend de bijnaam van Pauwenstad op. De Wieringerwaarders maakten er handig gebruik van en maakten van Pauwenstad een koosnaam. En terecht. Er werden kapitale stolpboerderijen neergezet, die ook imponerend waren. Vanaf het midden van de 19e eeuw steeg in de Westeuropese landen de vraag naar landbouwproducten. En daarmee gingen ook de prijzen omhoog.
Het kon allemaal niet op voor de boeren. De poldermolens verdwenen, het stoomgemaal kwam er voor in de plaats. Ja, er werd in 1868 zelfs een ‘Franse school’ gevestigd. Zeg maar de voorloper van de ULO.
De welvaart zorgde ervoor dat de boeren in de grote boerderijen verdraaid goed wisten dat zij rijk waren. Ze behoorden tot de hogere stand en wilden dit graag zo houden. Het Versailles van het Noorden, zo voelden de Wieringerwaarders zich. Nou ja, de welgestelden dan.
De tijden zijn veranderd, de welvaart is verdwenen, maar niet de grote ruime boerderijen en het trotse gevoel van de inwoners. Zij wonen in de Pauwenstad. Wat wil je nog meer?
Bronnen:
J.T. Bremer: Wieringerwaard 1610-2010
www.dezijpe.nl – de Wieringerwaard.nl – auteur J.T. Bremer
H. Jonker Hzn., Hoofdstukken uit de geschiedenis van de polder Wieringerwaard (1610-
1960). Amsterdam, 1960.


De eerste stolpboerderij in Wieringerwaard was de “eersteling”. Deze was in 1820 gebouwd door de fam. Biemond. Oudesluizerweg 9. Het jaargetal 1820 stond in de stolp gekerft.