De weg van Paludanus

 

Een vage streep door het landschap

Wie op de laptop, tablet of pc Google Maps opent in de satellietweergave en Wieringerwaard opzoekt, ziet in de  polder van rechtsonder naar linksboven, richting Wieringerwaard, een vage streep lopen. Een redelijk rechte streep, die doet vermoeden dat die door mensenhanden is gemaakt. Die streep wordt de ‘weg van Paludanus’ genoemd. In Wieringerwaard is ook een straat vernoemd naar deze ‘weg’, de Paludanusweg, zijweg van de Trambaan.

De ‘weg van Paludanus’ is door mensenhanden gemaakt. Of het ook echt een weg was? Nee, eerder een soort dijk.
Eerst even over Paludanus. Je zou haast zeggen dat Paludanus de naam is van een Romeinse keizer. Niets is minder waar. Het gaat om Rutger Paludanus, geboren in 1736 in de pastorie van Sint Maartensbrug als oudste zoon van de eerwaarde Theo Paludanus. De familie heette in feite Van den Broek op zijn hedendaagse Hollands – ten Broecke zoals de oude naam werd geschreven – maar in deze familie van welstand klonk dat te gewoontjes.
Rutger Paludanus was doctor in de rechtsgeleerdheid, met een grote belangstelling voor de geschiedenis van het Nederlandse landschap. De goede man was verder schepen en schout van Alkmaar en secretaris van De Zijpe en Hazepolder. Kortom, een man met grote kwaliteiten.

De ontdekking van ‘de weg’ was in 1772, zo lezen we  op de website van www.dezijpe.nl.

“Toen de dijkgraaf en heemraden van de Wieringerwaard hadden besloten om te onderzoeken of de slikgronden buiten de zeedijk tussen Kolhorn en Nieuwensluis voor inpoldering geschikt zouden zijn, peilde de bemanning van een der bootjes met bestuursleden bij de inspectie van 25 augustus 1772 iets hards, dat er, door het heldere zeewater heen, uitzag als enig muurwerk en ruim een voet diep lag. Teruggekeerd op het polderhuis maakte de heemraad Jacob Queldam bekend, dat men in Wieringerwaard wel wist dat er zoiets als een oude ‘muur’ in de zeebodem lag.”

Graven

Verondersteld werd dat deze ‘muur’ onder Wieringerwaard zou doorlopen tot Callantsoog en in zuidoostelijke richting naar Medemblik. Paludanus dacht dat het misschien een weg moest zijn waarlangs ‘graven verplaatst werden’.
Echter, eerder moet sprake zijn van een soort ‘dijk’, die volgens een studie van Bas van Geel (UvA) mogelijk moet hebben gefunctioneerd als een ‘industrieterrein’ gebruikt voor opslaan van ziltveen en dat uiteindelijk werd bereid voor zout (Sporen van grootschalige zoutwinning in de Kop van Noord-Holland, wetenschappelijke studie van Bas van Geel en Guus Borger). Zij concluderen dat de ondergrond van ‘de weg’ deels heeft uitgemaakt van een uitgestrekt veencomplex. “De ‘Weg’ is in feite een strookgrond die kennelijk om praktische redenen bewust bij de veenwinning is uitgespaard. Deze relatief hoog gelegen baan zal mensen destijds de mogelijkheid hebben geboden om zich te verplaatsen.

Rutger Paludanus. Een man die voor de Noordkop en West-Friesland geschiedenis heeft geschreven. En ons doet beseffen dat de polder waarin wij wonen, in vroege tijden ook bewoond was. Voordat de stormvloeden de bewoning in ons gebied lastig maakte tot zelfs onmogelijk, leefden hier mensen in nederzettingen en vonden een vorm van bestaan. Wie weet wat je allemaal nog tegen komt in onze polder, als je diep gaat graven….

 

Bronnen

J.T. Bremer: Mr RUTGER PALUDANUS (1736-1788) en het verdronken land in de Noordkop J.T. Bremer.

Bas van Geel & Guus J. Borger: Sporen van grootschalige zoutwinning in de Kop van Noord-Holland.

Wie meer wil weten, hier zijn de links naar de twee artikelen:

Rutger Paludanus

Zoutwinning Kop van Noord-Holland

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • Nieuwsbrief